Het jaar 2019 eindigde niet helemaal in mineur voor de wolf. Op de Noord-Veluwe werden wél vijf wolvenwelpen groot, de eerste in anderhalve eeuw. Dat bleef een flinke opsteker. Het zag ernaar uit dat er binnen die roedel jaarlijks nieuwe welpen verwelkomd zouden worden.
Maar ook voor de getormenteerde August zou 2019 uiteindelijk in schoonheid eindigen. Op 19 december vond een jogster op een duin in Oudsbergen te midden van honderden pootafdrukken van honden één afdruk die best wel wat kenmerken van een wolf vertoonde. Ze belde de boswachter en die stuurde via WhatsApp een foto naar het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO). Bij het INBO konden ze alvast één ding met zekerheid zeggen: als dit een pootafdruk van een wolf was, dan was die zeker niet van August.

Fier stuurde de boswachter de foto van de pootafdruk in Oudsbergen naar het hoofdkantoor in Brussel, waar die al snel terechtkwam bij de woordvoerder. Minuten later werd het kabinet van Vlaams minister Demir gebrieft.
De minister was meteen enthousiast en stuurde via Twitter een bericht de wereld in: ‘Er is een nieuwe wolf in Limburg. Welkom Noël(la).’
De naam verwees naar het aanstaande kerstfeest – al blijft het een beetje raar dat net een N-VA-minister haar inspiratie haalde bij de Franse naam voor Kerstmis. Maar in alle eerlijkheid: we hadden zelf geen betere referentie kunnen bedenken.
Bij Welkom Wolf beseften we meteen dat de wolf geen Noël was, maar een Noëlla. De afdruk was te klein voor een mannetje en op basis van één enkele afdruk van een mannelijke wolf hadden de wolvenkenners van het INBO nooit verklaard dat het een andere was dan August. Als het zo duidelijk was dat het INBO meteen die uitspraak deed, dan moest het verschil wel erg groot zijn. En dan was het onvermijdelijk een vrouwtje.
Maar Noëlla verdween weer van de radar. Meer dan die ene pootafdruk is er nooit van haar gevonden.
Wel ontving Welkom Wolf op het ogenblik van de vondst al een jaar lang meldingen van een wolfachtig wezen in een heel groot gebied ten zuidoosten van het gekende territorium van August. Die meldingen waren al begonnen in januari 2019, toen Naya nog in leven was, en ze bleven binnenkomen.
Eigenlijk was het voorbarig om op basis van één pootafdruk een nieuwe wolf uit te roepen. Maar goed, Noëlla was gelanceerd en het was wachten op verdere bevestiging. In het slechtste geval lazen we later wel ergens dat Noëlla wellicht verder was getrokken.

Een spoor van dode schapen
Op 21 december, enkele dagen voor Kerstmis, kreeg Welkom Wolf kort na elkaar twee meldingen van een wolf in Lichtaart en Lille, twee dorpen in de Antwerpse Kempen. De waarnemingen waren zo overtuigend dat vrijwilligers van Landschap vzw meteen ter plaatse gingen om sporen te zoeken op braakliggende maïsakkers. Ons vermoeden werd bevestigd: hier liep wel degelijk een Europese wolf.
De afmetingen van de pootafdrukken deden vermoeden dat het een vrouwtje was. Maar als ze August wilde vinden, ging ze wel de verkeerde kant op. Diezelfde dag nog kruiste ze de E34 Eindhoven-Antwerpen en belandde ze in Zoersel, waar ze een paar nachten zou blijven. Daar pakte ze al meteen twee ochtenden na elkaar, op 22 en 23 december, een schaap. Zo liet ze ook haar DNA achter.
Uit dat DNA zou later blijken dat het inderdaad om een wolvin ging en dat ze al een lange reis achter de rug had. In de Europese database stond ze bekend als GW1479f. Ze was in mei 2018 geboren in de Gohrischheide-roedel in de Duitse regio Lausitz, de streek rond Dresden.
Nadat ze haar ouderlijke roedel had verlaten, liep de jonge wolvin helemaal naar het noordwesten van Duitsland. Daar liet ze haar DNA voor het eerst achter op een doodgebeten schaap.

Op 14 december werd ze gefotografeerd in Heijen, in Nederlands Noord-Limburg, tegen de drukke A77, vlak bij de Maasduinen. Wolvin Naya en wolf Roger waren langs nagenoeg dezelfde plek gepasseerd op hun route naar Belgisch Limburg. Diezelfde ochtend was de nieuwe wolvin ook iets noordelijker, in Ottersum, waargenomen terwijl ze de weg overstak met een prooi.
Op 18 en 19 december beet ze in Venhorst en Boekel, ten noordoosten van Eindhoven in Noord-Brabant, telkens één schaap dood en liet haar DNA achter als visitekaartje. Iets zuidelijker, in De Mortel, maakte iemand een filmpje van een dier dat wel eens een zwervende wolf zou kunnen zijn.
Bij Welkom Wolf wisten we hoe laat het was. In de dagen die volgden, waren we extra waakzaam voor waarnemingen in het noorden van Belgisch Limburg en de Antwerpse Kempen. De waarnemingen in Lichtaart, Lille en Zoersel op 21 december kwamen niet echt als een verrassing.
De wolvin was beland in Zoersel, een regio die wel rijk is aan kleinere boscomplexen en zelfs een paar stevige natuurgebieden, maar waar je met de beste wil ter wereld geen 10.000 hectare kernnatuur aan elkaar krijgt gebreid als basis voor een nog veel groter wolventerritorium. Het liet zich dus voorspellen dat de nieuwe wolvin er niet zou blijven.

De wolf wint de verkiezingen
Een wolvin in Zoersel! De Antwerpse Kempen stonden in rep en roer. De krant Het Laatste Nieuws liet een peiling uitvoeren bij 1.000 inwoners van Zoersel en buurgemeente Malle en concludeerde dat maar liefst 48 procent van de inwoners de wolf welkom heette. Dat was dus nadat de wolf twee nachten op rij een schaap had gepakt en vóórdat Welkom Wolf zelfs maar de kans had gekregen om ter plaatse infowandelingen te organiseren.
Dat was geen slechte score en naar ons gevoel was het een correcte weergave van de reële verhouding pro en contra wolf onder de bevolking.
Opnieuw bleek dat er ter wereld geen regio is waar wolven zo welkom zijn als in Vlaanderen. Het is niet omdat enkele fervente no-wolvers af en toe veel kabaal maken, dat een meerderheid van de Vlamingen niet openstaat voor het samenleven met grote roofdieren.
De inwoners van Zoersel en Malle kun je bezwaarlijk beschouwen als stadsmensen zonder kennis van de natuur, zoals de tegenstanders van de wolf de voorstanders graag afschilderen. Het zijn twee gemeenten die het midden houden tussen heel landelijk en licht verstedelijkt: een mooie doorsnede van de rest van Vlaanderen.
Kangoeroe voor Kerst
Op kerstavond dat jaar passeerden medewerkers van Welkom Wolf op weg naar hun kerstdiner nog langs Zoersel, waar cameraploegen van VRT, ATV en RTV ons stonden op te wachten in de buurt van twee ten prooi gevallen schapen. Gekker kan het echter altijd, zo zou snel blijken. De volgende ochtend, op kerstdag, rinkelde opnieuw de telefoon in ons wolvenmeldpunt. Een gezin uit Balen-Schoorheide was ervan overtuigd dat hun Bennettwallaby’s – kleine kangoeroes – waren gepakt door een wolf. En inderdaad, Balen-Schoorheide ligt niet ver van Lommel-Kerkhoven, het uiterste noordwestelijke hoekje van het territorium van wolf August.

Hoe onwaarschijnlijk het ook leek dat August het kanaal van Beverlo was overgestoken om zichzelf buiten zijn Limburgs territorium te trakteren op een bijzonder kerstdiner, toch besloten we om naar Balen te rijden. Je wist maar nooit. Wolven hadden ons al vaker verbaasd en ze zouden dat ook blijven doen.
Bovendien ontwikkel je op den duur een zesde zintuig dat al aan de telefoon het onderscheid maakt tussen onzin, een goed bedoelde maar foute waarneming, en een echte waarneming. Het wallabyverhaal uit Balen klonk zo overtuigend dat we die ochtend – nog altijd de ochtend van kerstdag – ook Joachim Mergeay belden. Joachim is de geneticus van INBO. We deelden hem mee dat hij maar beter een setje DNA-swabs in de kofferbak van de familievan gooide mocht hij vandaag op bezoek gaan bij zijn ouders.

Toen we aankwamen in Balen toonde de eigenaar van de wallaby’s ons meteen de ren met minikangoeroes. Eén wallaby, een witte, bloedde aan zijn oor en zag er verschrikkelijk zielig uit, de enige andere witte was helemaal verdwenen. ‘Meegenomen door de wolf.’
Van de grijze wallaby’s was de wolf netjes afgebleven. Toch was de hele wallabyfamilie behoorlijk getraumatiseerd, volgens de eigenaars. Zij waren zelf ook nog lang niet bekomen van wat er tijdens kerstnacht was gebeurd.
Intussen was er wel al duidelijkheid over de oorzaak: een ervaren spoorzoeker was al even langs geweest. Zijn conclusie: de sporen op de akker naast de ren van de wallaby’s waren van een wolf met een welp erbij. Geen twijfel mogelijk. Er waren twee soorten pootafdrukken te zien, met een duidelijk verschil in grootte. Wolf en welp dus.
Die ervaren spoorzoeker was dan toch wel heel snel ter plaatse, want zelf stonden we een goed uur na de telefonische melding al in Balen. Tegen die tijd was de spoorzoeker alweer spoorloos. Navraag achteraf leerde dat het om een plaatselijke jager ging.
Het is niet zo dat wij als medewerkers van Welkom Wolf onszelf zouden omschrijven als ‘ervaren spoorzoekers’, maar intussen waren we toch wel ervaren genoeg om maar één spoor te zien, geen twee. Er waren heel grote afdrukken van voorvoeten en iets kleinere afdrukken van achtervoeten te zien – van dezelfde wolf welteverstaan. Maar welpensporen? Het was hartje winter. Wolvenwelpen, die uitsluitend in het voorjaar worden geboren, zijn ten laatste in november volgroeid.
Het kostte ons enige moeite om het verhaal van de wolf-met-welp te weerleggen, maar uiteindelijk zagen de eigenaars in dat de ervaren jager-spoorzoeker toch niet zo ervaren was. Zelfs Google wist te vertellen dat wolvenwelpen in december niet bestaan.
De omheining van de wallaby’s was degelijk uitgevoerd, twee meter hoog, maar zonder schrikdraad, dus niet wolf-proof. Toch verwacht je niet dat een wolf daar zomaar overheen springt. Dat had hij ook niet gedaan: hij had zich een weg onder de omheining gegraven.
Waren de sporen op de akker niet zo overtuigend, dan hadden we nog alle opties open gehouden – zeker ook een vos of een hond – maar er waren genoeg redenen om aan wolf te denken en opnieuw te bellen met Joachim Mergeay van het INBO. Die was inmiddels effectief met vrouw, kinderen én DNA-swabs onderweg naar zijn ouders om kerst te vieren.

Ondertussen bereikte ons ook het bericht dat er in Zoersel opnieuw een schaap was gepakt en dat andere medewerkers van het INBO daarnaartoe reden. Er waren dus nog meer ouders en schoonouders die de kerstkalkoen nog even op de warmhoudstand mochten zetten wegens een wolf.
Wat relevanter was: de wolvin van Zoersel kon niet tegelijk in Balen zijn geweest. Daarmee kwam August nog meer in beeld als verdachte van de wallabymoord.
Zodra de keukenplanning van zijn moeder het toeliet, sloop Joachim weg van het kerstdiner om zijn laarzen aan te trekken. Toen hij aankwam in Balen ondervond hij al snel dat een DNA-staal nemen op een levende wallaby een heel andere discipline was dan een staalname op een dood schaap. Skippy sprong weg en was duidelijk niet van plan om zijn bloedende oor te laten bemonsteren vóór de kalkoen van moeder Mergeay door en door gaar was.


Gelukkig kwam een vriend des huizes die ook wallaby’s hield ter hulp met een vangnetten en een transportkist. De ontketende wallaby overmeesteren leek plots een koud kunstje: zoals een grote, snelle vlinder vangen met een ambitieus geconstrueerd net. Eindelijk kon Joachim zijn staal nemen.
Doordat het hele tafereel inmiddels de aandacht van de buurt had getrokken en de veearts die als eerste ter plaatse was gekomen ook gretig zijn verhaal deed, besloten we om zelf de pers op de hoogte te brengen. De krantenkoppen van de volgende dag lieten zich al voorspellen: ‘Wolf eet wallaby als kerstdiner.’
Terwijl Joachim namens het INBO de ploegen van VRT en VTM te woord stond, kregen we telefoon van een Australisch persagentschap. Of we eens kort konden uitleggen hoe het mogelijk was dat een wilde Europese wolf een kangoeroe had gepakt? Toegegeven, die hadden we niet zien aankomen. Eigenlijk was daar ook geen zinnige uitleg voor – tenzij je kunt verklaren waarom we in godsnaam Australische dieren willen houden in een voortuin in Balen. (Later die dag bleek dat de wallabymoord in Balen zelfs de Japanse media had gehaald.)

Het DNA-staal uit het oor van skippy zou de puzzel uiteindelijk oplossen: August was die dag inderdaad in Balen geweest en had de collega van Skippy meegenomen. Extra drama: enkele dagen later stierf ook Skippy zelf, hoewel hij ogenschijnlijk geen ander letsel had opgelopen dan een scheurtje in zijn oor.
Daarmee was de kerstsaga van 2019 echter nog niet voorbij. De volgende ochtend, op tweede kerstdag, werd er gebeld voor een dood schaap in Balen-Ongelberg.
De logica dicteerde dat August in de buurt was blijven rondhangen en dat hij even verderop een nieuwe prooi had gepakt. Dit keer zagen de Limburgse boswachters van het ANB hun kerstdagen dooreengeschud om in Balen DNA-stalen te nemen.
Maar wat bleek achteraf? Niet August, maar de nieuwe wolvin uit Zoersel was de dader. In één etmaal was zij helemaal van Zoersel naar Balen-Ongelberg gelopen. Die afstand bedraagt in vogelvlucht 40 kilometer, maar op het terrein is dat veel meer.
Die situatie fascineerde ons heel erg. Nooit eerder had August zijn Limburgse territorium verlaten. Meer dan 500 dagen aan een stuk was hij aan de andere kant van het Kanaal naar Beverlo gebleven. Wat deed hij die ene dag dan op het grondgebied van buurprovincie Antwerpen? Uitgerekend op die ene dag dat vanuit de Antwerpse Kempen een wolvin kwam aangelopen? En waarom koos de wolvin uit Zoersel uitgerekend die richting, terwijl ze 360 graden had om uit te kiezen?
Er waren twee mogelijkheden: stom toeval of de zintuigen van wolven hebben capaciteiten die wij niet voor mogelijk houden.
Opeens ging het snel. Een dag later al, op 27 december 2019, werd de nieuwe wolvin gefotografeerd door een cameraval binnen het territorium van August in Limburg. De wind waaide uit het oosten en dat was de perfecte windrichting om haar vanuit Balen naar het territorium van August in Limburg te loodsen.

De nieuwkomer liet er geen gras over groeien. Ze hing dagenlang rond bij een markeerplek van August. Waar hij doorgaans zijn drollen achterliet, deed zij een plasje om haar aanwezigheid kenbaar te maken. Als hij hier de volgende keer zou langslopen, zou hij haar bericht ongetwijfeld ontvangen. Zelf had ze natuurlijk al lang gecheckt of er naast de reu al geen andere, gevestigde wolvin aanwezig was, maar het antwoord is negatief.
De weg naar een romance lag open.
Feromonen en de wind
Hoe kunnen twee wolven zich bewust worden van elkaars aanwezigheid als er tientallen kilometers tussen hen in zitten?
Zelfs als je aanneemt dat de ene de andere op die enorme afstand zou kunnen waarnemen door feromonen die worden meegedragen door de wind, hoe kan de tweede dan de eerste tegen de wind in waarnemen?
Welkom Wolf zocht het uit op basis van meteogegevens van die week en wat blijkt? Op 25 december 2019 blies de wind overwegend van het noordwesten naar het zuidoosten, van Zoersel naar Balen zeg maar. Het volgende etmaal blies de wind inderdaad in de tegenovergestelde richting, van het zuidoosten naar het noordwesten, of dus van Balen naar Zoersel.

De meteogegevens van 25 december kunnen misschien helpen verklaren waarom August die dag redenen had om aan te nemen dat er een wolvin aanwezig was voorbij de westelijke grens van zijn territorium en waarom hij daar een kijkje ging nemen, voor het eerst in 500 dagen. Hij is er nadien ook nooit meer teruggekeerd.
Dat de wind nadien in exact de tegenovergestelde richting blies, kan mogelijk uitleggen waarom de wolvin uit Zoersel de volgende nacht plots koers zette naar Balen. Het houdt allemaal steek, maar alleen als je durft aan te nemen dat ze elkaar op 40 kilometer afstand kunnen waarnemen met behulp van ‘iets’ dat door de wind wordt gedragen.
Is dat harde wetenschap? Allesbehalve. Is het een te onderzoeken piste? Zeker en vast. Want een andere verklaring is er voorlopig niet en zo veel toeval bestaat niet.
Noëlla is Noëlla niet
De aankomst van de nieuwe wolvin sloot wonderwel aan bij de tweet van minister Demir van 19 december: ‘Welkom Noël(la)!’ Daarom kreeg de nieuwe wolvin de naam Noëlla.
Niets mis mee, want ook deze wolvin arriveerde net voor Kerst. Maar het is wel 100 procent zeker dat de nieuwe Noëlla een andere is dan degene die op 19 december haar pootafdruk zou hebben achtergelaten op het duin in Oudsbergen. Toen liep de tweede Noëlla immers nog door Nederland.
Noëlla is dus eigenlijk Noëlla niet, maar wat doet het ertoe? Iedereen is blij met de nieuwe wolvin. Als de eerste Noëlla ooit nog boven water komt, krijgt ze vast wel een andere mooie naam.
2019 begon mooi, met twee zwangere wolvinnen in de Lage Landen: een in de Veluwe en een in Belgisch Limburg. Bijna simultaan werden voor het eerst in meer dan anderhalve eeuw op beide plaatsen wolvenwelpen geboren.

Een maand later evolueerde 2019 naar een dramatisch jaar, met de moord op een wolvin en haar welpen in België. De commotie daarover zou de rest van het jaar beheersen.
Enkele dagen vóór oudjaar zag de toekomst er plots weer wat rooskleuriger uit. Zou weduwnaar August als een blok vallen voor de nieuwe wolvin? Zou zij hem ook leuk vinden? Want als je een mannelijke en een vrouwelijke wolf bij elkaar zet, heb je wel een paar wolven, maar nog lang geen wolvenpaar. Er moet een klik zijn, hun karakters moeten matchen. Pas als dat goed zit, kan er aan voortplanting worden gedacht.
Zou het ervan komen? Zou 2020 het nieuwe jaar van de welpen worden?
